Vandaag maken we een uitstapje naar het schiereiland Zuid-Beveland. Inmiddels allang, sinds 1871, verbonden met Walcheren door de Sloedam. De reden dat het Sloe, het water tussen de twee eilanden ter hoogte van Arnemuiden, overbrugt werd, was dat er een spoorlijn naar Vlissingen aangelegd ging worden.

Goed, we gaan dus naar Goes vandaag. Een leuke stad, waar je gezellig kunt winkelen. Een oude stad ook, waar ik eigenlijk niet zo heel veel van af weet. Leuk om me in de toekomst eens in te verdiepen!
In Goes staat het "Historisch Museum "de Bevelanden". Er was een hele hoop over te doen de laatste tijd, omdat er vanwege de bezuinigingen sprake was van plannen om het museum 'uit te kleden'. Veel protesten hebben tot dusverre bereikt, dat het museum in ieder geval voorlopig in het prachtige pand aan de Singelstraat, aan de voet van de Grote of Maria Magdalena Kerk mag blijven.

Het Museum is sinds 2005 gevestigd in een voormalig klooster en weeshuis, dat in 1627 gesticht is.


De prachtige beeldjes bij de poort bij het gedeelte waar nu een restaurant zit, laten twee weeskindertjes zien uit die tijd!
Het is een leuk, vriendelijk museum. Aardige gastvrouwen en een gezellige binnenkomst. In de foyer staat een collectie prachtige poppen in alle Zeeuwse Streekdrachten.

In het drie verdiepingen tellende museum een heel divers scala aan onderwerpen. Natuurlijk veel aandacht aan de ontstaansgeschiedenis van de stad Goes. Met een aantal maquettes visueel zichtbaar gemaakt, erg leuk om te zien.

Ook aandacht voor oud kinderspeelgoed, het Oranjehuis in Zeeland, archeologische vondsten

en kantsnijwerk (echt schitterend!) door o.a. Otto van Voorst uit 1726.

Op de bovenste verdieping is de hele zolder voor de Zuid-Bevelandse streekdracht, onder de titel "Zeeuws Meisje". Hier is veel te ontdekken!

Allereerst diverse kleding uit het verleden, waarbij de schitterende bonte stoffen prachtig afsteken tegen de huidige, zwarte dracht. Je kunt door middel van paspoppen de ontwikkeling van de streekdracht van de laatste 150 jaar volgen. Helaas is ook in Zuid-Beveland de streekdracht bijna helemaal uit het straatbeeld verdwenen...

De kleding was moeilijk te fotograferen vanwege het licht.
Het opvallendste ornament van de Zuid-Bevelandse dracht zijn toch wel de grote, brede kap en de oorijzers, de 'stikken'.

Ze waren ooit bedoeld als eenvoudige steuntjes voor de mutsen die bijna alle vrouwen droegen in de 17e eeuw. Op de andere eilanden evalueerden de oorijzers in de loop van de tijden tot gouden krullen, maar de Bevelandse vrouwen bleven hun oorspronkelijke platte stikken trouw.

Aan de stand van de stikken kun je zien of een vrouw katholiek of protestant is; bij de katholieke vrouwen staan de stikken hoger op het voorhoofd en schuin naar voren.

katholieke dracht
Maar niet alleen aan de stand van de stikken kun je het verschil aflezen, ook aan de mutsen: katholieke mutsen hebben een wat trapezevorm en de protestante vrouwen dragen ronde, wat schelpvormige mutsen.

katholieke meisjes
In het boek van Kees Slager, "en mijn zuster die heet Kee" lees ik, dat "de verschillen tussen de twee godsdiensten pas duidelijk in de klederdracht werden benaderd in de tweede helft van de 19e eeuw, toen het katholieke bevolkingsdeel zich begon te emanciperen. De verschillen zijn nog steeds zichtbaar in de vorm van de muts, de stand van de oorijzers en in de versiering van de beuk.
De protestantse muts is de meest bekende van de twee, denk maar aan de margarine...

het oude briefje van 10 gulden...

de boterbabbelaars...

en het Zeeuwse kapje dat vorig jaar zo'n hype was!

Ook in de Zuid-Bevelandse dracht verdween in de loop van de eeuwen het gebruik van bonte gekleurde stoffen. Alleen in de beuk bleef nog kleur bestaan, rokken en schorten werden allemaal grijs en zwart.

De Zuid-Bevelandse beuk is heel anders dan de Walcherse! Hij bestaat uit twee delen: de beuk zelf, die over de hemdrok gedragen wordt, en een losse, geplooide doek die hier overheen gedragen wordt. Deze twee aparte delen zijn van dezelfde stof gemaakt, zodat het een geheel lijkt te zijn.

Interessant op deze afdeling zijn de korte filmpjes van vrouwen die de streekdracht (nog) dragen. Er wordt vooral verteld hoe het vroeger ging, en over het wel of niet overgaan op z'n "burgers", voor de meeste vrouwen onbespreekbaar, maar een enkeling had het toch gewaagd! Onderstaande foto spreekt dan ook voor zich!

Van de streekdracht naar Merk- en Stoplappen, want ook daar valt in het Historisch Museum van te genieten.



Elke drie a vier maanden wisselt het museum haar tentoongestelde merklappen. Nu nog tot 13 maart zijn er merklappen te zien uit "de Meestoof" uit Sint Annaland, dat zelf in de wintermaanden gesloten is. Op dit moment is men druk bezig met de voorbereiding voor de nieuwe merklappententoonstelling, let vooral op deze interessante oproep!
Het is goed toeven in Goes, niet alleen het Museum is zeker een aanrader, ook de binnenstad zelf is, hoewel niet heel groot, erg gezellig.


Naast een leuk winkelhart heeft Goes ook twee prachtige kerken (tegenover elkaar) en een klein maar gezellig jachthaventje.

groetjes van Lupineke